Ecoregeling

Ecoregeling

De ecoregeling met eco-activiteiten is een nieuwe regeling binnen het nieuwe GLB. Door eco-activiteiten uit te voeren helpt u mee aan 5 doelen: het verbeteren van klimaat, bodem/lucht, water, landschap en biodiversiteit. U kiest zelf welke activiteiten passen bij uw bedrijf en percelen. Als u met de uitgevoerde activiteiten voldoende punten én waarde heeft gehaald, krijgt u de ecopremie uitbetaald.

Het puntensysteem

Met het uitvoeren van diverse eco-activiteiten verdient u punten. U moet een minimaal aantal punten halen op de vijf genoemde doelen (klimaat, bodem/lucht, water, landschap en biodiversiteit). Scoort u op alle 5 doelen voldoende punten? Dan voldoet u aan de instapeis voor de ecoregeling en betaalt zich dat uit in ecopremie.

Iedere activiteit heeft een bepaalde waarde. De totale waarde die u haalt met uw gekozen activiteiten bepaalt de hoogte van de ecopremie die aan u uitbetaald wordt. Er zijn 3 beloningsniveaus: brons, zilver of goud. De hoogte van de premie is nog niet bekend: die hangt af van hoeveel bedrijven mee gaan doen en op welk beloningsniveau zij terecht komen. Men denkt nu aan € 60/ha (brons), € 100/ha (zilver) en € 200/ha (goud).

Er komt een simulatietool waarmee u uit kan zoeken welke activiteiten voor u en uw bedrijf toepasbaar zijn, hoeveel punten en welke waarde ze opleveren. Zo kunt u diverse scenario’s uitproberen.

Voorlopig overzicht van eco-activiteiten

Hieronder vindt u de (voorlopige) lijst met eco-activiteiten. U geeft de eco-activiteiten per perceel op.

1. Gras/klaver

Met het zaaien van gras of klaver hoeft u minder of geen kunstmest meer te gebruiken. Op minimaal 25% van uw perceel staat klaver tussen 1 april en 1 oktober. Uw perceel is zichtbaar bedekt en u verdeelt de klaver gelijkmatig over het perceel.

2. Grasland met kruiden

Grasland met kruiden zorgt voor een diepere doorworteling en een betere bodemstructuur. En voor diversiteit in ruwvoer. Op minimaal 25% van uw perceel staan kruiden tussen 1 april en 1 oktober. Uw perceel is zichtbaar bedekt en u verdeelt de kruiden gelijkmatig over het perceel.

3. Langjarig grasland

Met langjarig grasland bouwt u organische stoffen op. Dit is goed voor de bodemstructuur. U heeft blijvend grasland (gras dat meer dan 5 jaar op het land staat) van 1 januari tot en met 31 december. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt en u ploegt of beschadigt het land niet.

4. Meerjarige teelt

Door de teelt van meerjarige gewassen geeft u uw bodem meer rust, meer organische stof en een betere bodemstructuur. U teelt 2 jaar op rij een gewas als hoofdteelt. In de tussentijd mag u er geen ander gewas op telen en u mag niet onderwerken. Het gewas moet in de winter blijven staan. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt. Deze activiteit telt pas vanaf het 2e jaar mee voor de eco-regeling.

5. Natte teelt

Met natte teelt zorgt u voor minder CO2-uitstoot en meer biodiversiteit. Natte teelt is geschikt voor gebieden met een hogere grondwaterstand, zoals veengebieden. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt en u oogst minstens één keer per jaar. De teelt moet op grond staan dat voor 2023 landbouwgrond is.

6. Rustgewas

Door de teelt van een rustgewas verbetert u de bodemstructuur. Het zorgt voor meer organische stoffen en vocht in uw bodem en minder gewasziektes. U teelt een rustgewas op perceelsniveau in een rotatie van minimaal 1 op 3. Dit betekent dat u minstens één keer in de 3 jaar een rustgewas als hoofdteelt heeft op het perceel. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt en u mag oogsten, maaien of beweiden.

7. Stikstofbindend gewas/eiwitgewas

U teelt een eiwitgewas voor een vruchtbare bodem, meer stikstofopname en een betere biodiversiteit. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt.

8. Strokenteelt

U teelt uw gewassen in stroken voor minder gewasbeschermingsmiddelen en meer biodiversiteit. U teelt minimaal 5 gewassen waarvan 3 als hoofdteelt op één perceel. Van die 3 hoofdteelten is minimaal één rustgewas. U doet dit in minimaal 5 stroken van 3 tot 24 meter breed. Stroken met niet-productieve elementen zijn toegestaan, behalve sloten. Blijvend grasland kunt u ook niet inzetten als strook.

9. Vezelgewas

U teelt een vezel voor een vruchtbare bodem en een betere biodiversiteit. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt. Deze eco-activiteit ziet u niet in de Aanmelding deelname GLB 2023. Maar kunt u later toevoegen in de Gecombineerde opgave 2023.

10. Vroeg oogsten rooigewas (uiterlijk 31 augustus)

Door uw rooigewas vroeg te oogsten kunt u uw bodem beter bewerken met minder structuurbederf. Door een vanggewas vroeg in te zaaien kan het zich beter ontwikkelen. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt en u oogst het gewas uiterlijk 31 augustus.

11. Vroeg oogsten rooigewas (uiterlijk 31 oktober)

Door uw rooigewas vroeg te oogsten kunt u uw bodem beter bewerken met minder structuurbederf. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt en u oogst het gewas uiterlijk 31 oktober.

12. Groenbedekking

Met het bedekt houden van uw percelen verhoogt u het organisch stofgehalte en verbetert de bodemkwaliteit. U houdt uw percelen van 1 januari tot 1 maart zichtbaar bedekt. Dit doet u met de vanggewassen die u laat staan van het jaar daarvoor. Dus ook met de vanggewassen van 2022. U werkt het vanggewas met machines onder en u mag deze vooraf niet doodspuiten.

13. Onderzaai vanggewas

Door onderzaaien kunnen uw vanggewassen zich beter ontwikkelen. Direct na de oogst van de hoofdteelt zijn uw percelen zichtbaar bedekt met vanggewassen. Dit blijft zo tot minimaal 1 december.

14. Biologische bestrijding

Door biologische bestrijding beschermt u het milieu. U doet op contractbasis aan biologische bestrijding, zoals steriele mannetjes en nematoden. Over deze activiteit volgt nog meer informatie.

15. Verlengde weidegang overdag

Door koeien langer te laten weiden zorgt u voor minder ammoniakemissie. Ook verbetert u de kwaliteit van het landschap. Uw melkkoeien weiden overdag minimaal 6 uur in de periode 1 mei tot en met 30 september. Over deze activiteit volgt nog meer informatie.

16. Verlengde weidegang dag en nacht

Door koeien langer te laten weiden zorgt u voor minder ammoniakemissie. Ook verbetert u de kwaliteit van het landschap. Uw melkkoeien weiden dag en nacht minimaal 16 uur in de periode 1 mei tot en met 30 september. Over deze activiteit volgt nog meer informatie.

17. Bufferstrook met kruiden (langs bouwland)

Met een bufferstrook met kruiden zorgt u voor meer biodiversiteit en een betere waterkwaliteit. U heeft minimaal van 1 april tot 1 oktober een bufferstrook met kruiden langs een watervoerende sloot. De bufferstrook is minimaal 3 meter breed. U bemest de bufferstrook niet en gebruikt geen middelen om de gewassen te beschermen. Deze activiteit sluit aan bij het 7e Nitraat Actieprogramma (NAP).

18. Bufferstrook met kruiden (langs grasland)

Met een bufferstrook met kruiden zorgt u voor meer biodiversiteit en een betere waterkwaliteit. U heeft minimaal van 1 april tot 1 oktober een bufferstrook met kruiden langs een watervoerende sloot. De bufferstrook is minimaal 3 meter breed. U bemest de bufferstrook niet en gebruikt geen middelen om de gewassen te beschermen. Beweiden en maaien zijn wel toegestaan. Deze activiteit sluit aan bij het 7e NAP.

19. Groene braak

Met groene braak zorgt u voor meer biodiversiteit en minder milieubelasting. U heeft groene braak als hoofdteelt op een niet-productieve akker of akkerrand. De akkerrand is minimaal 3 meter breed. Uw percelen zijn zichtbaar bedekt. U laat de groene braak minimaal 6 maanden staan in de periode van 15 maart tot 15 november. U mag geen chemische onkruidbestrijding, bemesting en gewasbeschermingsmiddelen gebruiken. U mag niet beweiden en niet oogsten.

20. Houtig element (heg, haag, struweel)

Met landschapselementen zorgt u voor meer biodiversiteit en een aantrekkelijk landschap. U heeft een heg, haag of struweel op uw niet-productieve landbouwgrond. U houdt het element en de vorm ervan het hele jaar in stand, van 1 januari tot en met 31 december.

21. Houtig element (overige houtige elementen)

U heeft een houtig element (zoals houtwallen en bomen) op uw niet-productieve landbouwgrond. Deze is het hele jaar aanwezig, van 1 januari tot en met 31 december. Het houtige element is geen heg, haag of struweel. Kijk daarvoor bij de eco-activiteit hierboven.

22. Biologisch bedrijf (Skal)

Met de eco-activiteiten gaan we samen voor een duurzame landbouw. Is uw bedrijf Skal-gecertificeerd of in omschakeling? Dan bent u vrijgesteld van de eco-activiteiten en heeft u sowieso recht op de eco-premie. Is niet uw hele bedrijf Skal-gecertificeerd? Dan doet u op de niet-biologische percelen andere eco-activiteiten.

Waarde en punten per eco-activiteit

Vind in dit overzicht welke gewascode past bij de eco-activiteit.