Nieuws

Eikenprocessierups: ‘Je kunt er veel zelf aan doen’

Eikenprocessierups: ‘Je kunt er veel zelf aan doen’

Het is weer zover. Eikenbomen zijn bekleed met linten die waarschuwen voor de eikenprocessierups. Een plaag die jaarlijks terugkomt. Uit meerjarig onderzoek blijkt echter dat wie eikenbomen in zijn tuin of directe omgeving heeft, veel zelf kan doen om overlast te voorkomen.

De eikenprocessierups verdwijnt niet helemaal, maar met een combinatie van verschillende maatregelen kun je er wel voor zorgen dat de eikenprocessierups geen overlast meer veroorzaakt’, zegt Piet Idserda uit Wapserveen. Idserda is melkveehouder in ruste. In de berm vlakbij zijn huis staat een strook van 800 meter met jonge eiken. Een geliefde broedplaats voor de eikenprocessierups.

Ruim vijf jaar geleden startte Boermarke Wapserveen, waar Idserda lid van is, samen met Agrarisch Natuur Drenthe en ecologisch hovenier Nils van Ligten met nadenken over hoe de eikenprocessierups op een natuurlijke wijze beheerst kan worden. In een later stadium kregen zij hulp van gemeente Westerveld, Silvia Hellingman van Hellingman onderzoek en advies, Vogelwacht Uffelte, IVN Vleermuiswerkgroep, Gemeente Westerveld en Wageningen UR en basisschool De Vuursteen.

Drie jaar onderzoek

In 2017 vond de nulmetingen plaats en in 2018 ging het echte onderzoek van start. De rups is een voorstadium van de eikenprocessievlinder. Die vliegt in augustus/september uit. En legt in januari eitjes in de toppen van eikenbomen. Vlakbij waar in het voorjaar het jonge groen weer tevoorschijn komt. In maart/april komen de eitjes uit.

Van mei tot half juli zorgt de rups voor overlast. Wanneer ze voor de vierde en vijfde keer vervelt. Wie in die fase in contact komt met de rups loopt grote kans op jeuk, bultjes, blaasjes, roodheid en dikke oogleden. ‘De borstels op de rups zijn dan brandharen die in het ergste geval ook echt brandwonden veroorzaken. Het vee heeft daar ook behoorlijk last van’, vertelt Idserda.

Tijdens het driejarig onderzoek werden gedurende het hele jaar verschillende instrumenten ingezet om de eikenprocessierups te bestrijden. Natuurlijke vijanden zoals gaasvliegen, sluipvliegen, sluipwespen die zich graag tegoed doen aan de eitjes van de rups of de poppen, zijn uitgezet. En er werden maatregelen genomen die de leefomgeving van de natuurlijke vijanden versterken.

Zo werden in tuinen van bewoners vlakbij de onderzoekslocatie 20.000 voorjaarsbolletjes, waaronder krokussen, geplant bij aanwonenden. Vroege bloeiers; de nectar is voedsel voor de gaasvlieg. Er zijn streekeigen planten geplant en er is een bloeiende akkerrand aangelegd op een weiland langs de berm. De door schooljeugd gemaakte nestkastjes zijn opgehangen. Kastjes voor de koolmees in het bijzonder, omdat voor die soort de eikenprocessierups een feestmaal is. En op de bermen is nu uitgesteld maaibeheer van toepassing

Aan de eiken hangen witte zakjes met daarin gaasvliegen die uitgezet worden

Aan de slag

Het ene instrument was meer succesvol, dan het andere. En de theorie is gemakkelijker dan de praktijk, geeft Idserda aan. Als voorbeeld haalt hij het inzaaien van bloemrijke bermen aan. ‘Iedereen kijkt daar graag naar en geniet ervan, maar streekeigen bloemen – de witte en gele – zijn vaak niet de mooiste. En heb je een natte zomer zoals in 2021 dan groeit gras hard en verstikt de bloemen.

Een ander voorbeeld is de aanplant van streekeigen vaste planten onder de eikensingel. Idserda: ‘De grond onder een eik is zuur en daar groeit niet gemakkelijk iets. In combinatie met twee droge zomers, was het planten van streekeigen vaste planten geen succes.’ Het planten van de krocussen en het plaatsen van nestkastjes daarentegen wel.

De hele buurt deed mee en zonder die medewerking, was de bestrijding van de eikenprocessierups minder succesvol geweest’, zegt Idserda. Om de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups in stand te houden, noemt Idserda vooral biodiversiteit als voorwaarde. Planten die het hele voorjaar en zomer bloeien. ‘Speenkruid en krocus zijn in de natuur het vroegst. Later in het jaar doen met name schermbloemigen zoals fluitenkruid en duizendblad het goed.’

Wie op zijn eigen domein een steentje wil bijdragen, adviseert Idserda om nestkastjes te plaatsen. Het hele jaar door te zorgen voor bloeiende planten en bloemen. En hij adviseert om bermkanten niet te maaien. ‘Voedsel en water zijn voor vogels en insecten belangrijk om natuurlijke vijanden van de rups een handje te helpen’, zegt Idserda.

Leerproces

Het onderzoek van Boermarke Wapserveen waaraan Idserda meewerkte is afgerond. Hij spreekt over een leerproces met vallen en opstaan. Want levende natuur laat zich niet sturen, maar kan hier en daar wel een handje worden geholpen. Idserda is trots en blij met de resultaten. Ervaringen van de Boermarke Wapserveen zijn gekopieerd door heel Nederland. ‘Je raakt de eikenprocessierups niet kwijt, maar houdt het wel onder controle en voorkomt overlast

Het resultaat is het grootst, wanneer dat in groepsverband wordt opgepakt, geeft Idserda aan. Maar ieder voor zich kan op het eigen erf ook een bijdrage leveren. ‘Zorg ervoor dat je het hele jaar bloeiende planten in je tuin hebt. Plaats nestkastjes en laat de berm de berm. Maai die liever niet. Alles strak en netjes komt het insectenleven niet ten goede.

Voor meer informatie over de eikenprocessierups en hoe u kunt bijdragen aan het beheersbaar houden van de populatie eikenrupsen kijk op de site van Agrarisch Natuurbeheer Drenthe. Onder het kopje Projecten meer informatie over de eikenprocessierups.