Nieuws

Jannes Hoenderken over zijn akkerranden: Hoe een foutje goed uitpakt

Jannes Hoenderken over zijn akkerranden: Hoe een foutje goed uitpakt

Jannes Hoenderken heeft samen met zijn broer een akkerbouwbedrijf in het Drentsche Aa gebied. Ze hebben zo’n 50 ha bouwland met aardappels, suikerbieten, tarwe en gerst. Daarnaast pachten ze nog wat grasland van Staatsbosbeheer, dat één keer jaar gehooid wordt. Hoenderken heeft al zeker tien jaar akkerranden. Het is begonnen met het inzaaien van wat overhoeken en wendakkers. ‘Je doet er toch niets mee, en dan is het mooi dat er wat bloeit.’ Inmiddels is het onderdeel van het bedrijf en ligt er ongeveer 3,5 km aan akkerranden. Om meer te leren over het beheer van akkerranden, probeert Hoenderken verschillende beheermethoden uit.

Experimenteren met akkerranden

In het voorjaar is per ongeluk een akkerrand geklepeld. Dit pakte achteraf heel goed uit. ‘De akkerrand bloeide mooi, met functionele planten voor natuurlijke plaagbestrijders.’ Dit was de aanleiding om, op verzoek van AND, meer beheermethoden uit te proberen. Hoenderken gaat voor het eerst in het najaar een akkerrand inzaaien en een rand maaien.

Als we een paar akkerranden gaan bekijken, worden we verrast door enkele planten die nog bloeien. Van de uitbundige bloei van afgelopen zomer is natuurlijk nog maar weinig over. Hoenderken vertelt dat de akkerranden rond dit perceel een heel wisselend beeld gaven. Hij gaat er deze winter niets aan doen, het is een mooie plek voor wild. Waarschijnlijk zaait hij aankomend voorjaar een akkerrand opnieuw in, en maait hij een andere rand. Ook de rand die er mooi uitzag afgelopen zomer (zie foto) gaat hij voor de helft maaien, om een goede vergelijking te maken van de verschillende beheermethoden.

Op een ander perceel zaait Hoenderken dit najaar een akkerrand in. Dat is voor het eerst, maar hij ziet er wel veel voordeel van in. Nu de oogst ongeveer voorbij is, heeft hij meer tijd om akkerranden in te zaaien. In het voorjaar valt het inzaaien van akkerranden samen met zaaien en poten van het gewas. Daarnaast kiemen onkruiden in het voorjaar veel sneller dan het ingezaaide mengsel. Door in het najaar in te zaaien heeft het mengsel een voorsprong op het onkruid. Daarnaast bloeit de akkerrand waarschijnlijk vroeger in het jaar, waardoor er eerder natuurlijke plaagbestrijders op afkomen. Door in het najaar in te zaaien heeft een rand dus langer effect tegen luizen.

Toekomst van akkerranden

Hoenderken ziet wel toekomst in akkerranden rond de akkergewassen. Hij hoeft maar weinig in te grijpen tegen luizen en denkt dat het deels een effect is van de akkerranden. Hoenderken benadrukt dat het belangrijk is dat de vergoeding blijft. ‘Het is geen proefboerderij. Naast dat je geen gewas kan verbouwen, gaat er veel tijd en werk zitten in de voorbereiding en beheer van akkerranden.’ Daarnaast vindt hij het belangrijk om meer te leren over het goed beheren van akkerranden om onkruiden te voorkomen. Hij vermoedt dat akkerbouwers anders op den duur willen stoppen met akkerranden.

Mensen in de omgeving reageren vaak positief op de akkerranden. ‘Je scoort er punten mee bij burgers, ik zie ze vaak bloemen plukken.’ Regelmatig heeft Hoenderken gesprekken met voorbijgangers naar aanleiding van de akkerranden. ‘Je kunt ze wat vertellen over de akkerrand en over het gewas dat er staat. Ze hebben soms geen idee wat er groeit en waar het voor is.’